Ik-cultuur – wij-cultuur

Van wie ben je er een?

In een ik-cultuur ken je iemand als je gevraagd hebt: Wie ben je, wat doe je?

In een wij-cultuur ken je iemand pas als je weet wie zijn vader is, waar zijn moeder vandaan komt, wie zijn opa is, zijn grootopa, etc. De ontmoetingsvraag is daar: Van wie ben je er een?

Mensen ervaren zichzelf en anderen in een wij-cultuur sterker als deel van een familie of stam, minder als een losstaand individu. Je bent niets zonder je familie of je stam. De meeste Somaliërs kunnen bijvoorbeeld moeiteloos tien voorouders opnoemen zoals Ayaan Hirsi Ali onlangs deed. Ik ben Ayaan, de dochter van Hirsi, die de zoon is van Magan, de zoon van Isse, de zoon van Guleid, die de zoon was van Ali, die de zoon was van Wai’ays, zoon van…

Eigen opvattingen, eigen gevoelens, eigen voorkeuren?

In een ik-cultuur wordt het op prijs gesteld dat mensen eigen opvattingen hebben over allerlei onderwerpen. Ze moeten een eigen smaak ontwikkelen op het gebied van voedsel, kleding of muziek. Daarom wil de een koffie met melk, de ander met melk maar zonder suiker, de ander met zoetstof. Op school moeten ze werkstukken maken over zelf bedachte onderwerpen; het is waardevol als ze goed kunnen aangeven welke (individuele) gevoelens ze hebben, enz.

In een wij-cultuur wordt daaraan veel minder waarde gehecht. Het is in wij culturen, vaak zijn het arme overlevingsculturen, juist gevaarlijk om andere ideeën te hebben dat degene die hun waarde bewezen hebben. Eigen opvattingen kunnen doen afdwalen van de waar gebleken opvattingen. Eigen smaak en individuele voorkeuren zijn in arme samenlevingen ballast.

Motiveren in ik- of wij-culturen.

U wilt een jongen motiveren om te gaan studeren. Welke specifieke manier kunt u gebruiken als hij, zoals veel allochtone jongeren, een sterke familieverbondenheid heeft?

Bij de meeste Nederlanders vraagt u naar wat hij of zij wil. Hoe zie je je toekomst? Wat wil je later worden? Dat zijn vragen naar iemands individuele wensen.

Bij traditionele migranten werkt het vaak beter om gebruik te maken van de familie.

- Zal je moeder blij zijn als je..?
- Je vader zal trots op je zijn: een zoon die een diploma heeft…
- Ik denk dat je jongere broer tegen je op zal kijken.

Ook als u iemand op het rechte pad wilt houden zijn dit type argumenten vaak effectiever dan individualistische argumenten:

- Wat zal je vader denken als de politie aan de deur komt?
- Die boete moet je vader betalen. Hij heeft hard voor dat geld moeten werken en jij...
- Dan moet je moeder je elke week in de gevangenis komen opzoeken, dan moet ze twee uur reizen met de bus; dan kan ze de weg moeilijk vinden...


Kernwaarden

Onze kracht zijn onze kernwaarden. Zij spelen een essentiële rol in onze ontwikkeling als krijger en bepalen onze identiteit. Velen denken dat vooral het fysieke aspect het verschil maakt, maar niets is minder waar. De ware kracht en het verschil zit in de mentale component, het karakter, de wil. Wij moeten zelfredzaam zijn, zelfstandig denken en handelen en altijd verantwoording kunnen afleggen. ‘Wij in plaats van ik’, ‘afspraak is afspraak’ en ‘niet goed is opnieuw’ zijn leidende beginselen in onze opvoeding, onze puberteit en ook daarna.

Centraal in ons handelen staan de kernwaarden die het fundament vormen van ons krijger zijn:

Moed, Beleid, Trouw, Eer en Trots

Moed
De krijger doet wat noodzakelijk is, ongeacht de consequenties voor hemzelf.

Beleid
Doortastend handelen, onconventioneel en verrassend. De krijger is altijd bereid verantwoording af te leggen voor wat hij doet.

Trouw
Trouw aan je opdracht, trouw aan je kawans, trouw aan God, trouw aan jezelf.

Eer
Het is onze eer te na op te geven en niet het beste uit onszelf te halen.

Trots
Trots op onze familie, onze geschiedenis, tradities en daden.